
Bij de schouder staat het glenohumeraal (GH) gewricht op de voorgrond. De kop van de humerus vormt een kogelgewricht met het glenoid, de kom in de scapula. Toch komt hier maar een deel van de beweging uit. Bij de meeste schouderbewegingen beweegt de scapula ook ten opzichte van de thorax in het scapulothoracaal gewricht en ten opzichte van de clavicula in het acromioclaviculair (AC) gewricht. De clavicula beweegt ten opzichte van het sternum in het sternoclaviculair (SC) gewricht Zelfs de wervels in de cervicothoracale overgang (CTO) en daarmee ook de bovenste ribben bewegen mee bij grote uitslagen in de schouder. De schouder is dus een bewegingsketen.